Mooie posters voor het wielertijdschrift ‘Passion for Cycling’.
Gemaakt door Jorge Leon, gevonden via Ffffound.
Mooie posters voor het wielertijdschrift ‘Passion for Cycling’.
Gemaakt door Jorge Leon, gevonden via Ffffound.
Geweldig mooie commercial!
Don’t watch it twice…
Onlangs kreeg ik van de NHL Hogeschool de vraag wat succes voor mij betekende, hoe het is om bij een succesvol bedrijf te werken, en of ik nog tips voor studenten heb. Deze korte column wordt gepubliceerd in de studie bijlage van het Friesch Dagblad. Hieronder mijn bijdrage:
Alef de Jong studeerde Communicatiemanagement aan de NHL. Hij is strateeg bij designbureau Koeweiden Postma in Amsterdam, het bureau dat de nieuwe huisstijl voor de NHL ontwierp.
‘Wanneer ben je succesvol? Ik denk dat je succesvol bent als je bereikt wat je wilt bereiken. In dat opzicht is Koeweiden Postma succesvol. Want wij winnen internationale prijzen voor onze creativiteit en effectiviteit. Dit succes trekt klanten, zoals HEMA, het Muziektheater Amsterdam, KPN, Achmea en de NHL. Ze vragen ons voor onze specifieke kennis en creativiteit om die organisaties succesvoller te maken.’
‘Of ik zelf succesvol ben? Ik heb een aantal dingen bereikt die ik wilde bereiken. Zo werk ik nu als strateeg bij een van de beste designbureaus van Nederland. Ik doe waar ik goed in ben en waar ik blij van word. Maar er is nog veel te bereiken en ik hoop echt succesvol te worden, door te blijven doen waar ik goed in ben.’
‘Ik heb wel geleerd dat je voor jezelf duidelijk moet weten wat je wilt bereiken. Dat maakt de weg ernaar toe een stuk doelgerichter. Maar succes komt vaak niet vanzelf. Je moet er hard voor werken. Vaak is het grootste obstakel naar succes niet een externe factor, maar het niet naleven van je eigen droom. Zo hoorde ik een tijdje geleden de eerste vrouwelijke burgemeester van Marokko zeggen dat “limitations are only in your mind”. En daar wil ik mij bij aansluiten.’
‘Hoe blijf je succesvol? Ze zeggen wel eens dat succes een keuze is. Ik denk dat dat klopt. Want om succesvol te zijn, moet je weten wat je wilt bereiken. Daar vol voor gaan zonder compromissen te sluiten. Bij ons geldt dat wij onze creatieve vrijheid niet inleveren en niet klakkeloos doen wat er van ons gevraagd wordt. Soms kost ons dat een klant. Maar wij nemen liever een klant niet aan om daardoor te blijven doen, waar we zelf in geloven en waardoor we succesvol zijn geworden. Succesvol word je vooral door dicht bij jezelf te blijven.’
‘Mijn advies voor een ieder, doe waar je goed in bent, blijf dicht bij jezelf, laat je niet (teveel) afleiden en geniet van je successen!’
Fontanel is Nederlands beste online design magazine. Het begon ooit als een weblog en is ondertussen uitgegroeid tot een online design magazine. Vorige week ging het nieuwe Fontanel online en daarmee is de site uitgegroeid tot een plek voor Nederlandse design geïnteresseerden. Fontanel biedt aan de ene kant veel inspiratie op het gebied van creatie, maar daarnaast biedt Fontanel ook strategische diepgang bij rebrandingen en grote huisstijl ontwikkelingen. Ik kom er vaak (live of via rss) blijf ik op de hoogte van wat er in Nederland designland gebeurd. Althans, want de bloggers van Fontanel vinden dat we moeten weten.
De site is opgebouwd rond drie belangrijke categorieën, Inspiration, Specials en Calander.
Inspiration
Het oude “weblog” format gaat nu schuil onder de categorie Inspiration en hier worden de dagelijkse en snelle blogpostjes gemaakt die inspireren. Veel en vooral aandacht voor mooi design, gemaakt door (nieuwe) individuele designers en/of ontwerpbureaus.
Specials
De toevoeging ten opzichte van een gewone blog is te vinden in de categorie Verdieping. Aldus de bloggers is dit waaraan Fontanel de naam online magazine te danken heeft. “Een weblog wordt gekenmerkt door de hoge frequentie aan nieuwe berichten. De kracht is dat de inhoud elke dag vernieuwt, de valkuil dat alles vluchtig kan aanvoelen. Vandaar dat we op onze homepage gebroken hebben met het traditionele weblog format (een lijst berichten onder elkaar) en een onderverdeling in onze content hebben aangebracht, zodat de specials waar we zo hard aan gewerkt hebben langer blijven staan.”
De specials bieden dus verdieping, zoals een openingsspread van een tijdschrift. En de verdiepingsartikelen worden ondersteund door een unieke vormgeving. In deze categorie kunnen we uitgebreide verhalen over designers, bureaus, boeken, evenementen en insides van grote rebrandingen verwachten.
Calendar
Naast inspiratie en verdieping biedt Fontanel ook een actueel overzicht van exposities en festivals in Nederland. In de toekomst wil Fontanel de kalender pagina ook uitbouwen met features die moeten laten zien wie er allemaal naar een bepaald evenement komen, Op die manier kan de site ook een handige, centrale plek voor design liefhebbers worden.
Je bent misschien niet altijd bezig met design, maar laat je via Fontanel.nl en twitter.com/fontanel inspireren en motiveren. Because design can make a difference.
Het is voor A-merken steeds moeilijker relevant te blijven voor consumenten en onderscheidend te zijn ten opzichte van privat labels en B merken. Elke innovatie wordt steeds sneller en gemakkelijker gekopieerd. Als A-merk moet je dus blijven innoveren met je product, advertising en (packaging) design. Daarnaast moeten A-merken consumenten verleiden om de hogere prijs waar te maken.
Onlangs kwam ik op een blog een geweldige (concept)verpakking voor Doritos tegen. Geweldig. Als dit ooit in de winkel mag komen te liggen, dan koop ik het product om de verpakking. Precies zoals ik gedaan heb (en nog doe) bij de mooie flesjes van Grolsch.
Zie hieronder het concept zoals Petar Pavlov dat ontwikkeld heeft. Er zijn via de Behance.net bestanden te downloaden om zijn conceptverpakking te voorzien van een ander design. Hoewel ik niet precies weet wat de rol van Doritos hierin is is het een zeer succesvolle marketing/pr campagne. Verschillende blogs hebben al over deze mooie verpakking geschreven. Een geweldig voorbeeld van hoe design kan bijdragen aan het succes van merken.
Al weer bijna een jaar geleden kreeg ik de vraag of ik mee kon helpen met de ontwikkeling van een naam. Tijdens een gezellig etentje met de initiatiefneemsters kreeg ik te horen waar de naam voor bedoeld was. Na horen van onderstaande ideeën was ik meteen geraakt, want ze vertelden mij ongeveer dit;
“We zijn een nieuwe studio aan het ontwikkelen. Het wordt een ontwerpstudio waar
naast het werken aan opdrachten ook onderwijsprojecten worden ontwikkeld en zelfstandige projecten (eigen auteurschap) worden geïnitieerd. Het initiatief richt zich op ambitieuze bachelors, starters genoemd die voor zichzelf willen beginnen. De starters (max. 5) worden gedurende een afgesproken periode (max. 2 jaar) gecoached met als doel de starter voldoende praktische ervaring mee te geven zodat deze een inspirerende en functionele werksituatie voor zichzelf weet te creëren en in stand weet te houden. Kortom wij begeleiden hem/haar met het opzetten van een professionele eigen beroepspraktijk.”
Wat een geweldig idee. Het initiatief was afkomstig van Joke Mesdagh en Barbara Asselbergs. Beiden oud docenten bij kunstacademie AKV/St.Joost. Nadat we tijdens het etentje vastgesteld hebben wat de strategische kaders van de nieuwe naam is komen we op een andere dag samen met een aantal naamcreatieven. Onder mijn leiding houden we een namestorm (naam brainstorm) gehouden. Uitgangspunt is een naam die duidelijk maakt waar de studio voor staat. Dit kan door middel van een associatieve of indirect beschrijvende naam. Uitkomst van de namestorm is een aantal namen die verder onderzocht wordt. De naam Nieuweklasse komt als nummer 1 naam uit de bus en blijkt ook vrij te zijn voor registratie en gebruik.
De naam Nieuweklasse wordt ondersteund door de passende beschrijving ‘werkplaats voor (talent) ontwikkeling.
Ondertussen draait Nieuweklasse al weer een aantal maanden en niet zonder succes. Ik fungeer af en toe nog als coach en sparringpartner. Om te volgen hoe het met deze sympathieke studio gaat kun je terecht op de blog van Nieuweklasse.
Deze blogpost gaat niet over een graf, de dood of begraven worden. Dat je deze associatie wel hebt bij het woord ‘graf’ snap ik. Maar echt positief is die gedachte vaak niet. Daarom vraag ik mij af wie ooit bedacht heeft de naam Graf als bedrijfsnaam aan te nemen. Geen goede keuze denk ik… Al blijft de naam wel hangen…
Foto afkomstig van Robert Overweg. Dank voor het maken en toesturen van de foto.
Begin december mocht ik een presentatie houden over succesvolle merken en wat we daar voor ons eigen branding van kunnen leren. De hele dag is samengevat ik een korte film.
In een eerdere post ben ik ingegaan op mijn presentatie en het verhaal van Tom van ‘t Hek het

In de evolutie zijn we aanbeland op het punt dat we zelf kunnen denken. Je hoeft niet meer na te doen wat iedereen doet. We hebben de capaciteit om zelf na te denken en beslissingen te nemen. Wij, maar ook merken kunnen zelf keuzes maken en nieuwe marketen, paarse koeien of blauwe oceanen aanboren. We hebben de capaciteit, gebruik het dan ook!
Afgelopen maand heeft Apple zijn eerste officiële Apple store in Frankrijk geopend. Niet op zomaar een plek, maar in het hart van Parijs, onder de glazen piramide van het Louvre. En geweldig mooie plek die Apple, door zich te spiegelen aan het Louvre, versterkt in haar iconische kracht.
Er zijn meer parallellen te trekken tussen het Louvre en Apple. Hoe geweldig een kunstwerk of merk ook is, het moet wel gezien worden en dat hebben zowel Apple als het Louvre goed begrepen. Beiden zijn steengoed in het creeren van iconen. Het Louvre doet dat letterlijk en heeft er voor gekozen om drie meesterlijke werken op een voetstuk te plaatsen en te verheffen tot de iconen van het Louvre. Deze topstukken hebben een centrale plek gekregen in de ruimte. Ik schreef daar al eerder eens over. Apple doet dat geweldig met het icoon Steven Jobs en de situatie van haar winkels, zoals op onderstaande foto van de ingang van de Apple Store op Fifth Avenue in New York.

Iconen van het Louvre:
Venus van Milo
De Venus van Milo staat centraal, op een verhoging in een grote langen gang en claimt daarmee de hele ruimte. Deze manier van presenteren zorgt ervoor dat bezoekers het topstuk, en de drommen mensen die er omheen staan, ver van te voren te zien zijn.
De gevleugelde godin Nike
Het beeld van de gevleugelde godin Nike staat op en hoog voetstuk op het midden van een mooie brede trapgalerij. Bezoekers kunnen het beeld daarom van verschillende kanten bekijken en kunnen bij het binnenkomen van de ruimte niet om het beeld heen. Het beeld wordt extra vergroot omdat het op boven aan de trap staat en daardoor nog meer hoogte krijgt.

Mona Lisa
Het derde meesterwerk, de Mona Lisa van Da Vinci heeft zelf een ruimte gekregen die speciaal ontworpen is om het schilderij goed uit te laten komen. Een top stuk en dat voor een schilderij dat misschien wel helemaal niet het mooiste of beste werk van Da Vinci is. Maar mede doordat het in 1911 op klaarlichte dag werd gestolen is rond het schilderij een mythe ontstaan die zijn status heeft vergroot. Iconen kun je creëren door mee te liften op gebeurtenissen.
Apple
Het vierde topstuk uit de collectie van het Louvre is het merk Apple. Een zeer goede keuze van Apple om juist in het Louvre haar eerste officiële Apple store te openen. Deze twee merken versterken elkaar zeer goed en zullen beiden profiteren van elkaars aanwezigheid.
Afgelopen vrijdag 4 december vond de CommunicatieDag van het Windesheim plaats. De CommunicatieDag is een jaarlijks terugkerende dag voor en door communicatiestudenten van het Windesheim. Het thema van de dag was, ‘Op weg naar succes! Jouw toekomst bepaal je zelf.’
Succes is een keuze
De dag werd voorgezeten door Tom van ‘t Hek die ook het thema introduceerde. In zijn presentatie vergeleek Van ‘t Hek de keuzes die studenten maken met die van topsporters. Ook topsporters moeten zelf keuzes maken om de top te bereiken. Een goede coach/trainer kan daarbij helpen, maar de sporter is daar toch zelf leading in. Het advies dat hij de studenten meegaf, is dat er heel veel mogelijk is als je maar wilt en de kansen voor jezelf ziet. Een mooi verhaal dat hij vertelde illustreert dit.
Tot 6 mei 1954 was niemand erin geslaagd de Engelse mijl te lopen onder de vier minuten. Het vorige record was 4.01.3 en was gelopen in 1945. Dus in 11 jaar was het niemand gelukt om onder de grens van de vier minuten te lopen. Er waren zelfs wetenschappers gepromoveerd op dit onderwerp. En deze genieën beweerden allemaal dat het onmogelijk was om op deze afstand onder de 4 minuten te lopen. Spieren zouden scheuren, botten breken en je hoofd ontploffen. Onmogelijk dus. Maar wat gebeurde toen de grens eenmaal verbroken was, toen renden in 11 jaar vele honderden mensen harder dan de 4 minuten en het record werd zelfs zes keer verbroken tot een tijd van 3.53.7. De vraag hoe het kan dat, nadat de magische grens van 4 minuten doorbroken is opeens heel veel mensen sneller zijn, is interessant. Het antwoord is even logisch als simpel. Navraag bij de hardlopers levert een eenduidig beeld op. Het antwoord van de hardlopers is “omdat het kan”. Mensen kunnen dus veel bereiken als ze weten dat het binnen handbereik is.
Merken en wat we daar van kunnen leren
De organisatie heeft mij gevraagd in mijn verhaal aan te sluiten bij het thema van de dag. De kortste verbinding is iets te doen met betrekking tot personal branding en zo kwamen we tot het thema ‘sterke merken en wat we daar van kunnen leren’.
In mijn presentatie ging ik in op de vraag wat een merk is en hoe je sterke merken ontwikkelt. Ik ben er van overtuigd dat je sterke merken ontwikkelt vanuit een stevig fundament. Dit fundament bestaat uit de combinatie van de strategische merkidentiteit, de verbale merkidentiteit (naam) en visuele merkidentiteit (design). Deze drie disciplines werken nog niet altijd goed samen, maar doen ze dat wel, dan heb je een stevig fundament voor het bouwen van een sterk merk. Als de disciplines echt samenwerken, dan komt strategie en creatie samen en ontstaat een creatieve strategie die een lange adem heeft en strategisch onderbouwd is, maar ook al op de korte termijn relevant kan zijn.
De basis van een merk is een goede positionering, die gebaseerd is op de authentieke competenties van de organisatie die onderscheidend zijn van de concurrentie en relevant voor de doelgroep. Doel van dit alles is meerwaarde creëren, wat resulteert in het feit dat je meer voor je product kan vragen of dat er een hogere winstmarge kan worden behaald.
In de presentatie heb ik een link gelegd met personal branding aan de hand van Obama. Al bijna geen persoon meer, maar toch een duidelijk voorbeeld en we kunnen ook veel leren van zijn social media strategie.
McDonald’s was al een tijdje bezig om van het ongezonde fastfood imago af te komen. De afgelopen jaren zijn een groot aantal winkels opnieuw ingericht waarbij al afstand werd genomen van het harde rood en geel. Er kwam vriendelijke en warmere kleurtinten voor terug. De volgende stap is dat McDonalds in heel Europa groen zal kleuren. Ze vervangen het harde rood voor (jagers)groen. Het doel is een meer eco-friendly imago. Of zoals de Duitse Vice Chairman van McDonalds het zegt: “Met deze nieuwe visuele identiteit willen we onze verantwoordelijkheid voor het behoud van de natuur verduidelijken. In de toekomst zullen we hier nog een grotere nadruk op leggen”.
Een Franse vertegenwoordiger van McDonalds bevestigd het verhaal “Het logo met de gouden M blijft hetzelfde, maar de achtergrondkleur veranderd van rood naar groen. Dit volgt de evolutie van onze restaurant redesign strategie, en de integratie daarvan in hun lokale omgeving. Het merk is minder zichtbaar, maar beter geïntegreerd in het landschap.” De website van McDonalds Frankrijk is al volledig in het groen, inclusief het nieuwe logo.

De omkleuring is al begonnen in Frankrijk en zal in 2010 verder uitgerold worden in heel Europa. Dus ook Nederland zal straks groener kleuren als het aan McDonalds ligt, maar zoals Martien Heijmink op zijn blog al aangeeft is het voor Nederland ongeloofwaardig als je net op je vingers bent getikt door de Reclame Code Commissie, omdat in een reclamecampagne werd gezegd dat het vlees voor de hamburgers afkomstig is van koeien die buiten in de wei lopen. Dit is echter niet te bewijzen en daardoor misleidend.
Met een meer groene visuele identiteit en hopelijk ook een iets groener en smakelijker productaanbod kan het zich relevant en onderscheidend blijven in de markt. Ik ben benieuwd waar dit toe gaat leiden. Zou Ronald McDonald, de mascotte ook een nieuw outfit krijgen?
Innovaties hebben een grotere kans van slagen als ze een naam dragen die de consument kan plaatsen. Mensen delen instinctief alles in hokjes in, of geven het een plaats tussen vergelijkbare zaken. Komen we iets tegen dat we niet kennen of herkennen, dan proberen we het te duiden door het te vergelijken met iets dat we wel kennen. Dat is niet vreemd, want op die manier maken we de complexe wereld iets overzichtelijker. Als je dat weet, dan kun je daar ook gebruik van maken.
De koets zonder paarden
Mensen kunnen beter met nieuwe innovaties overweg als ze het ergens mee kunnen vergelijken. Zo ging het met de eerste auto ook. Nadat de mensen zich jarenlang met de koets hadden verplaatst kwamen er talloze innovaties die zorgden dat je sneller van A naar B kon dan met een koets. Het ene vervoersmiddel zag er nog gekker uit dan het andere, maar geen van allen werd een succes. Tot dat er iets werd uitgevonden dat erg op een koets leek. Dit vervoersmiddel, kreeg de naam ‘koets zonder paarden’ of ‘ijzeren koets”. Door de vorm kon men het voertuig thuisbrengen en werd het geaccepteerd.
De categorie waarin we iets plaatsen heeft een grote invloed op hoe mensen de fundamentele eigenschappen van iets beoordelen. De eigenschappen van de categorie geven aan wat we kunnen verwachten en ook hoe we de innovatie kunnen gebruiken. Afhankelijk van de aanwijzingen die gegeven worden door naam, vorm of inhoud kunnen mensen één zelfde ding in verschillende categorieën plaatsen.
Op het moment dat je een innovatie op de markt wilt brengen kun je hiervan gebruik maken. Dit betekent dat, door gebruik te maken van vergelijkingen, een verband te leggen is tussen de sterke punten van de innovatie en de verwachting. De connectie tussen het bekende en de innovatie kan onder andere gelegd worden door de naam. Het gaat daarbij niet om de merknaam, maar om de soort, of categorie naam. De naam die je geeft aan een bepaald product moet iets duidelijk maken over wat het product kan of doet.
Segway
Problemen met innovaties doen zich voor als mensen het niet in een categorie kunnen plaatsen. Dat gebeurde ook bij de introductie van Segway. Het is nog steeds niet helemaal duidelijk hoe we dit voertuig moeten noemen. Zelf hebben ze het over een ‘elektrisch aangedreven zelfbalancerend persoonsvervoermiddel’. Een hele mond vol. In de verschillende media kom je dan ook andere termen tegen, zoals yuppenstep en gemotoriseerde tweewielstep.
Het feit dat niet te duiden is wat het is en wat de eigenschappen van het vervoersmiddel zijn heeft er aan bij gedragen dat pas begin dit jaar een kamerbesluit genomen is over het toelaten van de Segway op de Nederlandse wegen.
Ondertussen zien we steeds vaker een Segway op de Nederlandse wegen, of op beurzen, maar er is nog steeds niet een echt gemakkelijke soortnaam voor bedacht. Het risico hiervan is dat de merknaam Segway kan verworden tot soortnaam.
Deze column staat ook op de Expertblog van Sprout.
Een paar berichten geleden schreef ik over een aantal logo’s en namen die ik in Thailand geschoten had. Een van de logo’s had als naam ITINC, een acroniem voor ‘If there is no corruption’. Onderstaand beeld komt overeen met het beeld dat ik in het Bangkok Art and Culture Centre zag. Toen vroeg ik me al af waar de naam voor zou kunnen staan en wat de relatie is met het metro netwerk. Zoveel metro lijnen lopen er namelijk niet door Bangkok.

Na een kort onderzoek stuitte ik afgelopen week op een blogpost en werd het een stuk duidelijker. Het logo was een onderdeel van een kunstwerk van een metro lijn in Bangkok die nooit bestaan heeft. Allemaal lijnen die niet uitgevoerd zijn en als er dus geen corruptie was zou de metro lijn van Bangkok er zo uit kunnen zien. Een mooi project.
Meer foto’s van het project zijn hier te vinden.
Een 26 jarige Indiër sleept Unilever voor de rechter. Hij gebruikt al ruim zeven jaar de producten van Axe (in India verkocht onder de naam Lynx), maar heeft nog steeds geen partner gevonden. En dat is wel de “claim” die Axe doet in haar advertising.
De jongen zou ongerekend 30.000 euro van de multinational eisen omdat hij depressief is en psychische schade heeft opgelopen. Misschien moet hij zijn oude school, ouders en andere opvoeder ook maar voor de rechter slepen, omdat ze hem nooit hebben uitgelegd dat je niet alles letterlijk moet nemen.

Te gek voor woorden, maar ik ben benieuwd hoe dit afloopt. De rechtbank neemt het nogal serieus op en heeft de zaak aangehouden, omdat er eerst een forensisch onderzoek moet plaatsvinden naar de gelzeep, shampoos, deo’s en haargel van het merk. Wat zal daar de uitslag van zijn…
Via: Telegraaf.nl
Via: ffffound
Het is al weer een tijdje geleden dat ik een tweetal artikelen schreef voor Sprout met daarin tien regels over naamgeving. Naar aanleiding daarvan heb ik een presentatie gemaakt voor het seminar Brand Rules. Deze presentatie heb ik onlangs ge-update en op slideshare heb gezet.
De presentatie is gemaakt voor het seminar Brand Rules en geeft een globale indruk van de tien regels. Mocht je naar aanleiding an het zien van de presentatie vragen hebben, aarzel niet om te reageren. Dat kan per mail, twitter of anderzijds.
Vanaf juli 2008 tot juli 2009 heb ik met heel veel aandacht de Nederlandse designwereld, bureaus en ontwerpers gevolgd. Dit omdat ik in de jury / selectiecommissie zit van de Dutch Design Awards. Ik werd geacht om goed Nederlands (grafisch) design te scouten. Samen met het gescoute werk van de andere juryleden en ingezonden werk van designers zelf kwamen we tot een immens grote lijst met te beoordelen werk.
Gedurende twee dagen hebben we dit terug gebracht tot een lijst met nominaties die afgelopen week bekend werd gemaakt. Tijdens de tweede selectiedag was alleen nog maar goed werk over waarvan we het allerbeste konden nomineren. Al het werk was fysiek uitgestald in het Klokgebouw in Eindhoven. Samen met de andere juryleden trokken we van categorie naar categorie om al het werk goed te bekijken, vast te houden, te ruiken en uiteindelijk ons oordeel te vellen.
De selectiecommissie heeft haar werk gedaan en het beste werk van 2009 gescout. Wie de uiteindelijke winnaar van een Dutch Design Award gaat worden wordt beoordeeld door een internationale jury. De internationale jury onder leiding van Karien van Gennip (voorzitter, Nederland) bestaat uit Li Edelkoort (Frankrijk), Cara McCarty (Verenigde Staten), Marcus Fairs (Groot-Brittanië), Christoph Zellweger (Zwitserland), Ilse Crawford (Groot- Brittanië), James Woudhuysen (Groot-Brittanië), Rajesh Kejriwal (India), Ravi Naidoo (Zuid- Afrika), Axel Enthoven (België), Will Erens (België), Timo de Rijk (voorzitter selectiecommissie Product), Bert van Meggelen (voorzitter selectiecommissie Ruimtelijk), Ton Kooymans (voorzitter Rado Young Designer Award) en Vincent van Baar (voorzitter selectiecommissie Communicatie).
Op zaterdag 17 oktober 2009 wordt tijdens een feestelijke bijeenkomst bekend gemaakt wie in welke categorie gewonnen heeft. De bijeenkomst vindt plaats in Muziekcentrum Frits Philips te Eindhoven en het gaat vast weer een heel leuk feestje worden. Gelukkig krijgen wij een slaapplek aangeboden, zodat we niet met de laatste trein naar huis hoeven ;-)

Via: ffffound
Improve Everywhere brengt de mensen op de roltrap in New York weer even uit de dagelijkse sleur.

Meer over dit project vindt je hier.
Ik schreef al eerder over hun Frosen Central Station projecten.
Waarom slaagt SuitSupply waar andere kledingwinkels falen? Vier businessgeheimen van een topondernemer:
Afgelopen maand vond het seminar MarketingLive plaats. Dit jaar was het thema de balans tussen buikgevoel en feiten. De meeste sprekers kozen voor een feitelijke presentatie. We zagen per spreker tientallen slides voorzien van veel tekst, feiten en cijfers. Eén spreker sprong er echter met met kop en schouder boven uit. Zijn presentatie duurde zes minuten en bestond uit een reeks foto’s van hun laatste reclamecampagne. Ik heb het over de topondernemer Fokke de Jong van SuitSupply.
Zijn verhaal begon memorabel, want voor een zaal vol marketeers begint hij zijn verhaal met de uitspraak: “ik weet eigenlijk niet zo goed wat ik hier doe. Jullie zijn van de theorie en modellen. Ik ben maar een simpele pakkenverkoper.” Aan de hand van een goed vraag- en antwoordgesprek met Theo van Vugt komen we toch een aantal van zijn uitgangspunten te weten. Deze uitgangspunten zijn een goede inspiratie voor elke ondernemer én marketeer.
Focus
SuitSupply verkoopt op een service gerichte manier kwaliteitspakken voor een goede prijs. “We zijn gefocust en dat ene ding willen we goed doen. Ik chargeer natuurlijk een beetje, maar het is wel zo. Als je groter wordt wil iedereen zich bezig houden met de positionering, strategie, marketing etc, maar dat hoeft niet! Het is wel hard werken en ik heb geen tijd voor vakantie. De twee jaarlijkse fotoshoots voor onze reclamecampagnes zijn mijn vakantie.”
Je koopt van de vent, niet bij de tent
De belangrijkste asset van een onderneming is het personeel. De mensen in de winkels maken het verschil, aldus Fokke de Jong. “Persoonlijk snap ik mensen in Maastricht niet. De klanten in de winkel niet, maar de medewerkers ook niet. Daarom moet je het de mensen uit Maastricht zelf laten doen. Als je er zomaar een paar zelfgetapte Amsterdammers bij zet gaat het mis.”
Of iemand een goedverkoper is en past binnen het team van een winkel is dus essentieel. Bij SuitSupply doen ze niet aan en een gewoon sollicitatiegesprek, maar ze zetten de sollicitant meteen in de winkel om mee te draaien en te zien hoe hij zijn werk doet. “Dan zie je snel genoeg of het wel of niet werkt. En als het blijkt dat het niet werkt, dan gaat hij er gewoon weer uit.“ Dit klinkt misschien hard, maar Suit Supply koestert het personeel waar ze potentie in zien en daarvoor hebben ze een tweejarige interne opleiding in sales. Deze opleiding besteedt aandacht aan stoffen, design, psychologie en daarmee geeft de organisatie ze tools om zelf goed te verkopen.
Meten is weten
Suit Supply kan door de omloopsnelheid van een winkel goed meten of een winkel succesvol is of niet. Daarnaast meten ze ook de klanttevredenheid. Als je een pak koopt wordt je e-mailadres gevraagd. Per email stellen ze de simpele vraag of de klant goed behandeld is. “En natuurlijk stellen we ook de vraag of we hun op de hoogte mogen houden van nieuwe aanbiedingen”.
Ook als het gaat om de volgende collectie moet je veel onderzoeken, maar ook dat moet je zelf doen. Fokke de Jong kijkt altijd om zich heen en stelt zichzelf de vraag waarom een potentiële klant niet een pak van hun draagt. Als hij voor zaken of privé in de kroeg staat kijkt hij altijd om zich heen om nieuwe trends en veranderingen in kleding op te sporen. Dit koppelt hij terug om te kijken of ze hier iets mee kunnen. Maar daarnaast is het ook gewoon stelen “Het design is 80 procent stelen. Je kijkt wat er in Milaan in de schappen hangt, maar ook als ik ergens een biertje drink kijk ik om mij heen om te zien wat mensen dragen.” Aldus Fokke de Jong.
Doen, durf en lef
Het belangrijkste leer punten van deze dag is dat je gewoon dingen moet doen. Dit is iets wat bij marketeers nog wel eens ontbreekt. Er wordt te vaak vanuit het Excel sheets gedacht en te weinig vanuit ‘gut feeling’.
(Column voor de Sprout Expertlog)
Een mooi horloge met een minder mooie naam. Kaka is in het engels de kinderterm voor poep. Niet heel erg gelukkig gekozen.
Thanks voor de tip Guy!

Voor mij geen wedstrijden meer dit jaar, maar ik zit wel weer regelmatig op de fiets. Als de zomertijd ingaat probeer ik mijn trainingswedstrijdjes op Sloten te rijden en anders gewoon lekker toeren en trainen om het trainen. Een van de “doelen” dit jaar is om weer de Elfstedentocht te fietsen. Nu leg ik de 250 km samen met collega’s, vrienden en mijn vader af. En daarvoor moet je toch ook wel de nodige kilometers voor gereden hebben. Dus rond gaan de benen…
Vanmorgen fietste ik door de stad. Aan het begin van de Linnaeusstraat in Amsterdam lag een grote plas met witte verf. Ik vroeg me nog af welke ..#$%… precies op het fietspad zijn verfblik had laten vallen.
Aangekomen op de studio nam ik plaats achter mijn mac en zag dat ik een mailtje had van Agnes Kant. Een nieuwe stunt van Jan van het onderwerp. De SP heeft een naam hoogt te houden met hun virals, dus benieuwd klikte ik door ik naar het resultaat.

Na het zien vraag ik mij af of het een met het ander te maken heeft…
Zijn er meer mensen die vanmorgen al door de witte verf zijn gereden? Of berust dit op puur toeval…
Als de SP hun viral nu ook offline hebben doorgevoerd, dan vindt ik het wel sterk. Of zijn er ook mensen die de witte verf van de SP op de wegen in Nederland niet netjes vinden??
Steet biking video
Geen commentaar. Geniet van de combinatie van street-bike kunstenaars en goede muziek.