NK wielrennen Marketing & Media

VeloMedia-NK_1b

Daag jezelf en je collega’s uit! Doe mee aan hét Nederlands Kampioepschap Marketing & Media. Samen met je collega’s uit marketing, reclame en media. Voor mannen en vrouwen, ervaren renners (A-groep) en onervaren toerrenners die eens willen proeven aan een wedstrijdje wielrennen (B-groep). Doet mee op deze sportieve en sociale dag met vakgenoten!

Sportief en sociaal!

Daag jezelf en je collega’s uit en doe mee met het NK wielrennen Marketing & Media 2013. Ben jij sportief, sociaal én snel? Dan word jij misschien de beste mediarenner van 2013. Het beloofd sowieso een mooie dag te worden! Het NK wordt georganiseerd in het bosrijke recreatiegebied Wheelerplanet in Spaarnwoude, waar een mooie 3,1 kilometer lange wielerbaan is aangelegd.

Wedstrijd…

De wedstrijd bestaat uit 2 onderdelen. Een ‘tijdrit/proloog’ en een ‘rit in lijn’. Bij de tijdrit vertrekken de rijders individueel met een interval van 1 minuut. Doel is het parcours van 3,1 km zo snel mogelijk afleggen. Vervolgens start de ‘rit in lijn’ per groep. De winnaar van dit NK wielrennen, mag zich een jaar lang de beste Mediawielrenner van 2013 noemen. Uiteraard is er een titel voor de A- en B-groep.

VeloMedia-NK_4bMeld je snel aan..

…voor de A-groep als ervaren renner of voor de B-groep als onervaren renner.

Wil jij er zeker bij zijn? Meld je dan snel aan, want vol=vol. Aanmelden kan simpel door een mail te sturen naar alef@prouddesign.nl.

Datum:             zaterdag 15 juni 2013

Tijd:                  10.00 – 16.00 uur

Locatie:           Wheelerplanet in Spaarnewoude

Aantal:             max. 80 deelenemers, vol = vol

Kosten:            10 euro p.p.

Wedstrijd:

- Tijdrit over 3,1 km (A- en B-groep)

- Rit in lijn A-groep 45 km

- Rit in lijn B-groep 33 km

Wauw

Nu eens niet een lange lap tekst, maar een korte inspirerende film.

Designpanel: Gaggia

Voor de Marketing Tribune beoordeel ik, in de rubriek Designpanel regelmatig een nieuwe visuele identiteit  Deze keer de nieuwe stijl van Gaggia.

Schermafbeelding 2013-02-13 om 21.24.33

Mijn beoordeling voor het artikel:

De nieuwe merkidentiteit voelt vertrouwd door de net iets te letterlijke ‘Italiaanse retro’ copy. Dit maakt Gaggia geloofwaardig, maar echt vernieuwend is het niet. Door de dominante kleur is het een herkenbaar geheel, maar de verpakking weet niet te verleiden. Of het nu een verpakking voor koffiebonen, een portafilter of espressomachine is, alles ziet er hetzelfde uit. Gelukkig komt het merk in advertising en online echt tot leven met goede fotografie en instructie filmpjes die mij leren hoe ik de beste espresso kan zetten. Een merk voor echte koffie liefhebbers. Dat kan niet anders.

Cijfer: 7-

Dit is mijn persoonlijke/ professionele mening, maar ik ben benieuwd naar jullie mening. Mee eens, of juist totaal niet?

Boek: Dynamic Identities

open2<b>Kun je in het kort uitleggen wat een Dynamische identiteit is?</b>
Het spelen met de variabelen binnen de componenten resulteert in speelse en soms levende identiteiten die verschillende gedaantes kunnen innemen. Dynamische identiteiten. De maten van dynamiek kan variëren. Hoe meer componenten bestaan uit variabelen, hoe dynamischer het resultaat. De dynamiek kan variëren van een vooraf vastgestelde lijst aan variaties, die lijdt naar een gecontroleerde output, tot meer levende resultaten zoals het koppelen aan open database aan beelden, of zelfs externe live data.
<img src=”{filedir_1}open2.jpg” width=”394″ height=”262″ />
Er zijn veel verschillende vormen van een DI. In mijn boek categoriseer ik ze in zes verschillende types. De ene identiteit heeft bijvoorbeeld een herkenbare vorm als <u>Container</u> die gevuld kan worden met verschillende kleuren of beelden (MTV of Pantone hotel), de ander speelt juist met de variabelen achter het constante woord- of beeldmerk, als een <u>Wallpaper</u> (AOL). Een identiteit kan bestaan uit een bepaalde <u>toolbox of DNA</u> (IDTV, Effenaar), of er zou een bepaalde set van regels, een <u>Formula</u> aan kunnen hangen (Marres, Xwashier.nl). De meeste levende resultaten komen voort uit het open gooien van de componenten, en het door externe input te laten beinvloeden. Zo heb je bijvoorbeeld de <u>Customized identiteiten</u>, waarbij de gebruiker direct invloed op de identiteit heeft (OCAD), of de <u>Generated identiteiten</u>, waarbij externe data zorg voor de dynamiek. (Nordkyn, Dezeen Watchstore)
<b>Kun je iets vertellen over het ontstaan van de eerste Dynamisch Identiteit?
</b>De aller eerste Dynamische Identiteit was voor MTV, gemaakt door Manhatten Design in 1981. Ze waren in de tijd net gestart. De drie ontwerpers hebben destijds via een vriend mogen mee doen aan een pitch. Dit was in de periode voordat er computers in het vak gebruikt werden. Toen de ontwerpers uiteindelijk tot het voorstel van de kenmerkende ‘M’ met de letters ‘TV’ kwamen vonden ze het zelf te corporate en saai. Een van hen is toen in een kelder gaan experimenteren met graffiti en stencils, en zo kwamen ze op een hele boel schetsen die het logo tot leven bracht. Zo bedachten ze dat het logo eigenlijk, net als de muziek, altijd in beweging moet zijn. Met de kennis dat er door vele animators, ontwerpers, reclamebureaus etc met het logo zou worden gewerkt besloten ze dat het logo geen vaste kleuren zou hebben, en van elk materiaal gemaakt kon worden.
Een andere vroege was Google. In 1998 gingen de eigenaren naar het Buring Man Festival, en wilden dat via hun website communiceren. Na een beetje schetsen hebben ze hun logo voor die tijd vervangen met hun eigen schets in de tijd dat ze weg waren. Dit bleek zo veel reacties op te wekken dat ze het vaker wilde doen, en vandaag de dag zit er een heel intern team te ‘Doodelen’ om elke dag weer iets nieuws te vieren.
<img src=”{filedir_1}15-jaar-google-doodles.jpeg” width=”394″ height=”262″ />
<b>Zijn er andere maatschappelijke of economische aanleidingen waardoor dit ontstaan is?
</b>Er zijn verschillende aanleidingen die gezamenlijk zorgen voor deze ontwikkeling:
- Digitale tijdperk: door de digitale modelijkheden staan we constant in verbinding met elkaar. Er is een mega database waar gebruik van gemaakt zou kunnen worden. Deze digitalisering zorgt ook voor een shift van print naar scherm en dat zorgt ervoor dat het mogelijk is dat niet alles vast hoeft te zijn.
- Overdaad: de mensen worden steeds ongeduldiger en snel verveeld. De media gaat steeds sneller: reclame spotjes, films etc worden steeds sneller. We zoeken op google op beeld ipv tekst. Onderzoek uit webgedrag blijkt dat we binnen 7 seconden besluiten of we blijven of weggaan van een webpagina. Herhaling van steeds hetzelfde logo vinden we saai, zien veel liever variaties binnen een herkenbaar iets.
- Organisaties veranderend: de wereld veranderd continu, en de ontwikkelingen lijken alleen maar te versnellen. Organisaties moeten zich constant aan kunnen passen aan deze ontwikkelingen om te kunnen overleven.
<b>Is een dynamische identiteit voor elke organisatie geschikt?
</b>Dat is een goede vraag die vaak gesteld wordt. In mijn opinie kan iedereen het hebben. Zoals mensen, zou ook iedere organisaties verschillende ‘outfits’ moeten hebben voor verschillende gelegenheden. Met digitaal drukwerk en websites is het niet meer duurder om het toe te passen. De maten waarin gevarieerd wordt kan natuurlijk variëren. Een organisatie die niet zoveel touchpoints heeft kan dan ook wellicht minder variabelen hebben. Hoe dan ook moet een DI altijd een goede balans hebben tussen consistentie en dynamiek. Een goede DI is altijd herkenbaar, en al zijn gedaantes tellen op tot de ervaring van het merk.
<b>In je boek staan veel voorbeelden, maar vooral van creatieve, culturele, innovatieve organisaties. Je zegt zelf dat ook andere sectoren nog achterblijven. Heb je enig idee waarom dat is?
</b>Met name in sectoren waar betrouwbaarheid een belangrijk waarde is, zoals bij banken en verzekeraars, heb ik geen dynamische identiteiten kunnen vinden. Het zijn vaak wat traditionele organisaties, wellicht is het te modern en wispelturig voor hen.
Recentelijk ben ik er achter gekomen dat het haast onmogelijk is om een DI juridisch vast te leggen/ te beschermen. Wellicht zijn ze bang om een visuele identiteit aan te nemen die ze niet kunnen patenteren onder de rechten van Intellectual Propperty.
<b>Kun je ook een voordeel noemen van een ‘ouderwetse’ statische visuele identiteit? en voor wie zou dat wel geschikt zijn?
</b>Een voordeel van een statische identiteit blijft natuurlijk herkenbaarheid. Voor een kleine organisatie die niet zo veel communicatie middelen heeft, kan een statische identiteit prima werken. Maar bedrijven hebben veel meer nodig dan herkenbaarheid. Het gaat om een ervaring, een contact moment, een platform. Als mensen kunnen participeren met het merk, en dat dat zichtbaar wordt, dan word je veel sneller onderdeel van het merk.
<img src=”{filedir_1}ocad2.jpeg” width=”394″ height=”262″ />
<b>Laatste vraag, wat is je eigen, favoriete dynamische identiteit?
</b>Een gedeelde eerste plaats zou ik zeggen
A. OCAD: hierbij wordt de identiteit van de kunst academie gevuld door het werk van de studenten, waardoor er een overzicht automatisch wordt gecreëerd van hoe esthetiek en concepten veranderen door de jaren.
B. Nordkyn: dit is een gebied in noord Noorwegen, waar het heel koud kan zijn, waar veel regenen of sneeuw kan vallen en waar altijd wind staat. Een plek dus die wordt gevormd door het weer. Het logo is een briljante oplossing omdat de identiteit je laat ervaren hoe het gebied wordt beïnvloeden door het weer.
<b><u>Vraag voor de lezers van Molblog
</b></u>Hebben jullie vragen voor Irene van Nes? Ze heeft aangegeven Molblog in de gaten te houden en te reageren op vragen en reacties.
Wij zijn benieuwd naar jullie mening over dynamische identiteiten. Zou je het in de briefing voor je designbureau zetten? En wat vindt je zelf dan een goed voorbeeld van een dynamische identiteit?
De uitgever van het <a href=”http://www.bispublishers.nl/bookpage.php?id=221″ title=”boek Dynamic Identities”>boek Dynamic Identities</a> heeft een boek ter beschikking gesteld aan een lezer van Molblog, dat zal worden verloot onder de mensen die reageren.

In het laatste nummer van Tijdschrift voor Marketing heb ik een artikel geschreven over flexibele en adaptieve merken. Voor dit artikel, met de titel “Het merk als medium” heb ik een interview gehouden met Irene van Nes. Irene is grafisch ontwerper en samensteller van het boek Dynamic Identities – how to create a living brand.

Wat is het grote verschil tussen een ‘dynamische identiteit’ en een ‘statische identiteit’?

Een identiteit bestaat in mijn ogen uit 6 componenten: het logo, typografie, kleur, beeldtaal, grafische elementen en een verbale taal. Bij een statische identiteit zijn er geen variabelen binnen de componenten, en staan deze allen vast. Een Dynamische Identiteit (DI) speelt met variabelen binnen de componenten…

Kun je in het kort uitleggen wat een Dynamische identiteit is?

staand1

Het spelen met de variabelen binnen de componenten resulteert in speelse en soms levende identiteiten die verschillende gedaantes kunnen innemen. Dynamische identiteiten. De maten van dynamiek kan variëren. Hoe meer componenten bestaan uit variabelen, hoe dynamischer het resultaat. De dynamiek kan variëren van een vooraf vastgestelde lijst aan variaties, die lijdt naar een gecontroleerde output, tot meer levende resultaten zoals het koppelen aan open database aan beelden, of zelfs externe live data.

Er zijn veel verschillende vormen van een DI. In mijn boek categoriseer ik ze in zes verschillende types. De ene identiteit heeft bijvoorbeeld een herkenbare vorm als Container die gevuld kan worden met verschillende kleuren of beelden (MTV of Pantone hotel), de ander speelt juist met de variabelen achter het constante woord- of beeldmerk, als een Wallpaper (AOL). Een identiteit kan bestaan uit een bepaalde toolbox of DNA (IDTV, Effenaar), of er zou een bepaalde set van regels, een <u>Formula</u> aan kunnen hangen (Marres, Xwashier.nl). De meeste levende resultaten komen voort uit het open gooien van de componenten, en het door externe input te laten beinvloeden. Zo heb je bijvoorbeeld de Customized identiteiten, waarbij de gebruiker direct invloed op de identiteit heeft (OCAD), of de Generated identiteiten, waarbij externe data zorg voor de dynamiek. (Nordkyn, Dezeen Watchstore)

Kun je iets vertellen over het ontstaan van de eerste Dynamisch Identiteit?

De aller eerste Dynamische Identiteit was voor MTV, gemaakt door Manhatten Design in 1981. Ze waren in de tijd net gestart. De drie ontwerpers hebben destijds via een vriend mogen mee doen aan een pitch. Dit was in de periode voordat er computers in het vak gebruikt werden. Toen de ontwerpers uiteindelijk tot het voorstel van de kenmerkende ‘M’ met de letters ‘TV’ kwamen vonden ze het zelf te corporate en saai. Een van hen is toen in een kelder gaan experimenteren met graffiti en stencils, en zo kwamen ze op een hele boel schetsen die het logo tot leven bracht. Zo bedachten ze dat het logo eigenlijk, net als de muziek, altijd in beweging moet zijn. Met de kennis dat er door vele animators, ontwerpers, reclamebureaus etc met het logo zou worden gewerkt besloten ze dat het logo geen vaste kleuren zou hebben, en van elk materiaal gemaakt kon worden.

Een andere vroege was Google. In 1998 gingen de eigenaren naar het Buring Man Festival, en wilden dat via hun website communiceren. Na een beetje schetsen hebben ze hun logo voor die tijd vervangen met hun eigen schets in de tijd dat ze weg waren. Dit bleek zo veel reacties op te wekken dat ze het vaker wilde doen, en vandaag de dag zit er een heel intern team te ‘Doodelen’ om elke dag weer iets nieuws te vieren.

Zijn er andere maatschappelijke of economische aanleidingen waardoor dit ontstaan is?

Ja, er zijn verschillende aanleidingen die gezamenlijk zorgen voor deze ontwikkeling: A) Digitale tijdperk: door de digitale mogelijkheden staan we constant in verbinding met elkaar. Er is een mega database waar gebruik van gemaakt zou kunnen worden. Deze digitalisering zorgt ook voor een shift van print naar scherm en dat zorgt ervoor dat het mogelijk is dat niet alles vast hoeft te zijn. B) Overdaad: de mensen worden steeds ongeduldiger en snel verveeld. De media gaat steeds sneller: reclame spotjes, films etc worden steeds sneller. We zoeken op google op beeld ipv tekst. Onderzoek uit webgedrag blijkt dat we binnen 7 seconden besluiten of we blijven of weggaan van een webpagina. Herhaling van steeds hetzelfde logo vinden we saai, zien veel liever variaties binnen een herkenbaar iets. C) Organisaties veranderend: de wereld veranderd continu, en de ontwikkelingen lijken alleen maar te versnellen. Organisaties moeten zich constant aan kunnen passen aan deze ontwikkelingen om te kunnen overleven.

Is een dynamische identiteit voor elke organisatie geschikt?

Dat is een goede vraag die vaak gesteld wordt. In mijn opinie kan iedereen het hebben. Zoals mensen, zou ook iedere organisaties verschillende ‘outfits’ moeten hebben voor verschillende gelegenheden. Met digitaal drukwerk en websites is het niet meer duurder om het toe te passen. De maten waarin gevarieerd wordt kan natuurlijk variëren. Een organisatie die niet zoveel touchpoints heeft kan dan ook wellicht minder variabelen hebben. Hoe dan ook moet een DI altijd een goede balans hebben tussen consistentie en dynamiek. Een goede DI is altijd herkenbaar, en al zijn gedaantes tellen op tot de ervaring van het merk.

In je boek staan veel voorbeelden, maar vooral van creatieve, culturele, innovatieve organisaties. Je zegt zelf dat ook andere sectoren nog achterblijven. Heb je enig idee waarom dat is?

open2

Met name in sectoren waar betrouwbaarheid een belangrijk waarde is, zoals bij banken en verzekeraars, heb ik geen dynamische identiteiten kunnen vinden. Het zijn vaak wat traditionele organisaties, wellicht is het te modern en wispelturig voor hen.

Recentelijk ben ik er achter gekomen dat het haast onmogelijk is om een DI juridisch vast te leggen/ te beschermen. Wellicht zijn ze bang om een visuele identiteit aan te nemen die ze niet kunnen patenteren onder de rechten van Intellectual Propperty.

Kun je ook een voordeel noemen van een ‘ouderwetse’ statische visuele identiteit? en voor wie zou dat wel geschikt zijn?

Een voordeel van een statische identiteit blijft natuurlijk herkenbaarheid. Voor een kleine organisatie die niet zo veel communicatie middelen heeft, kan een statische identiteit prima werken. Maar bedrijven hebben veel meer nodig dan herkenbaarheid. Het gaat om een ervaring, een contact moment, een platform. Als mensen kunnen participeren met het merk, en dat dat zichtbaar wordt, dan word je veel sneller onderdeel van het merk.

Laatste vraag, wat is je eigen, favoriete dynamische identiteit?

Een gedeelde eerste plaats zou ik zeggen

1. OCAD: hierbij wordt de identiteit van de kunst academie gevuld door het werk van de studenten, waardoor er een overzicht automatisch wordt gecreëerd van hoe esthetiek en concepten veranderen door de jaren.

2. Nordkyn: dit is een gebied in noord Noorwegen, waar het heel koud kan zijn, waar veel regenen of sneeuw kan vallen en waar altijd wind staat. Een plek dus die wordt gevormd door het weer. Het logo is een briljante oplossing omdat de identiteit je laat ervaren hoe het gebied wordt beïnvloeden door het weer.

Op Molblog gaat het gesprek over Dynamische Identiteiten door en als je mee discussieert, maak je kans op een versie van het boek.

Team Blanco of Blanc Brand?

Omdat de Rabobank de schandalen in de wielersport zat was heeft het in oktober aangekondigd de stekker uit de Rabobank Wielerploeg te trekken. Wel blijft het de renners minimaal een jaar uitbetalen, om daarmee de ploeg de ruimte te geven een nieuwe sponsor te zoeken. Dus wat doet het team? Het zoekt een nieuwe sponsor. Maar ook niets meer dan dat. Een gemiste kans!

Merkenteam of merk?

In de sport heb je verschillende organisatievormen. Veel sporten zijn van oudsher georganiseerd als een vereniging en worden gesponsord, zoals Ajax, AZ of Manchester United. Dit zijn solide teams met een lange geschiedenis. Het zijn merken met een loyale schare fans, onafhankelijk van de spelers of technische staf.

Het andere systeem (merkenteam) drijft op de sponsor en/of de sporter van dat moment. Deze sportploegen worden betaald, opgezet en gedicteerd door de sponsor. Als die sponsor wegvalt, valt ook de organisatie in elkaar. Dit gebeurde bij de DSB schaatsploeg en in mindere mate bij de Rabobank wielerploeg.

media_xll_1457022

Waarom deze vergelijking?

Omdat ik denk dat Blanco ProCycling Team een kans gemist heeft. Met de tijd, die ze gekregen hebben van de Rabobank, hadden ze een “organisatie”, een “merk” kunnen bouwen. Maar dat hebben ze, vooralsnog niet gedaan. Ze zijn overduidelijk opzoek naar een nieuwe sponsor. Het nieuwe tenue geeft al aan waar de naam kan komen te staan, er had even goed “uw logo hier?” kunnen staan.

Hoe is dit verlopen?

Halverwege oktober geeft de Rabobank aan te stoppen met de sponsoring. Net daarvoor heeft Giant aangegeven sponsor te blijven en ook de kleding (via Etxeondo) te gaan leveren. Giant brengt in de media dat het wellicht wel hoofdsponsor wil worden. Ze zijn actief in gesprek, maar dit ketst af, zoals op 21 november valt te lezen. Wel blijft het grip op het team houden, want het bedenkt de naam ‘Blanco’ en laat het logo ontwerpen. Op 8 november heeft Giant het domein; www.Blanco-Giant.nl al geregistreerd. Ook ontwerpt Giant de kleding en zorgt, heel slim, dat de teamkleuren haar eigen merkkleuren blauw en zwart zijn.

Maar waar is de inbreng van het management van de ploeg in deze periode? Het enigste dat we horen, is dat Harold Knebel (sinds 2008 algemeen directeur en oud bankier) veel gesprekken heeft met kapitaalkrachtige potentiele sponsoren.

Het team heeft in juli wel al aangekondigd dat Merijn Zeeman van 1T4I overkomt. Hierbij geeft het aan dat er een nieuwe koerst wordt ingezet, maar zonder overkoepelende visie of communicatie blijft het een losse flodder voor de buitenwacht.

Hoe had het ook gekund?

Dit was het uitgelezen moment om pro-actief te zijn. Door op te staan, het juk van de Rabobank af te schudden en een gezamenlijke visie te ontwikkelen. Om een “merk” te ontwikkelen dat: a) hét Nederlandse team is, b) fans weer vertrouwen geeft in het wielrennen, c) goede, schone renners aantrekt, d) uitgenodigd wordt voor mooie wedstrijden én waar een sponsor deel van wil uitmaken. Dat bereik je niet door Blanco / een blanc brand te zijn!

Dit was het moment om een merk te ontwikkelen dat niet afhankelijk is van een grote sponsor, maar dat een eigen visie heeft en op een moderne manier communiceert met haar fans. Dat het kan bewijst de Nederlandse ploeg 1T4I (sponsoren: Argos-Shimano) of de buitenlandse teams; Team-SKY en Slipstream Sports (sponsoren: Garmin-Sharp-Baracuda). Dit zijn wielermerken in de sport geworden die los van de sponsor een bestaansrecht hebben. Ze weten wat de kracht van communicatie en marketing is en gebruiken de tools die u en ik ook zoude gebruiken.

Als startpunt heb je een sterk verhaal, een identiteit nodig en eventueel een positionering om jezelf te onderscheiden van de andere ploegen, die allemaal claimen clean te zijn. Daarnaast een onderscheidende (visuele) verschijningsvorm; naam, merkstijl en het tenue. Dit moet opvallen tussen alle andere tenues. Gebruik dan geen combinatie van zwart/blauw/wit, zoals ook TeamSky, Saxobank, Slipstream en in mindere mate Vacansoleil, Lotto Belisol en RadioShack-Leopard Trek al doen. Wees opmerkzaam, want onbekend (ongezien) maakt onbemind.

Blanco_Image1

Ook in je communicatie moet je opvallen een aansluiten bij de doelgroep. Zorg dat je je verhaal goed kunt vertellen en dat het ‘doorvertelwaarde’ heeft. Verkondig dit verhaal offline via onder andere opmerkzame perspresentaties en online via sociale media (Facebook, Twitter, Strava etc), zodat er over je gesproken en geschreven wordt. Dit doet Blanco overigens wel goed, want het twitter account heeft binnen 24 uur al 8.000 volgers. En ook de intorductiefilm en fotografie is krachtig. Maar dat er veel, te beginnen bij de naam, beter kan hoef ik jullie, lezers van Molblog niet uit te leggen.

Echter mochten er mensen van Blanco Pro dit lezen, dan schenk ik jullie twee boeken ter inspiratie; 1) Kus de Visie Wakker en 2) Start with Why. Want ik wil graag trots zijn op een sterk team met een écht duidelijke signatuur ipv een zwak verhaal.

(Dit bericht is geschreven voor Molblog)

Voeg waarde toe

Hoe maak je van iets oninteressants, een bak met ‘koopjes’, iets van waarde? Door er een ervaring van te maken. De eigenaar van The Mopnke’s Paw, een boekenwinkel in Toronto, en Craig Small van designstudio The Juggernaut bedachten de “Biblio-Mat”. Een automaat die gemaakt is van een oude bagagekluis die lukraak tweedehands boeken uitgeeft.

De Biblio-Mat is geen cash-cow, maar geeft tegen 2 dollar een willekeurig boek uit. Op deze manier komt The Mopnke’s Paw van zijn onbruikbare boeken af en de klanten worden verrast met een willekeurig boek. Sommige mensen hebben zelfs het gevoel dat het boek speciaal voor hun geselecteerd is en aansluit bij hun persoonlijkheid. Veel lol dus voor weinig. Een mooi idee!

Meer info op The Inquisitr.com

Bill Cunningham documenteert

Bill Cunningham fietst al meer dan 40 jaar elke dag door NewYork met zijn fotocamera in de aanslag. Opgeleid als hoedendesigner, is hij in de jaren 60 begonnen met het registeren van de klederdracht van New Yorkse mensen. Daarbij fotografeert hij niet modellen of bekende mensen, maar hij is opzoek naar patronenen en overeenkomsten tussen kleren van ‘gewone’ mensen.

Layout 1

In 2010 is er een documantaire over hem gemaakt die een mooi inzicht in de New Yorkse en wereldwijde fashion geeft. Maar de docu geeft vooral ook een mooi inzicht in de persoon Bill Cunningham. Bijna niemand van wie hij fotografeert, heeft een beeld van hoe hij leeft en wat hij naast zijn ‘werk’ doet. Een mooie docu en zeker de moeite van het kijken waard.

Zie hier zijn wekelijkse, visuele column in The New York Times. Een aanrader.

Designpanel: Café Sjiek

Voor de Marketing Tribune beoordeel ik eens per maand een nieuwe visuele identiteit in het Designpanel. Deze maand de nieuwe huisstijl van Café Sjiek.

Schermafbeelding 2012-11-09 om 15.15.32

Mijn beoordeling voor het artikel:

De ‘huisstijl’ heeft humor en is wellicht onderscheidend in de markt, maar is volledig afhankelijk van de illustraties en daarmee een mooie promotie voor de illustrator. Het is de vraag of de stijl van Faassen ook werkt als huisstijl voor Café Sjiek. Wat mij betreft is het geen goede huisstijl, want het bevestigt me niet dat ik met Sjiek te maken heb en het verleidt me niet om af te reizen naar het café. De stijl is te subtiel, te onpersoonlijk, te arm en te generiek. Mijn rapportcijfer is daarom een 5.

Vaak zijn we het als beoordelaars, naast mij zijn dat Tom Dorrestijn van Studio Dumbar en Clair Parker van Design Bridge, met elkaar eens. Nu was ik met een 5 de zuurpruim, daar waar Ton en Clair de huisstijl beoordeelden met een 8 en een 9. Ergens hebben ze wel gelijk, maar de stijl is mij te persoonlijk en te eigen voor Paul Faassen. Daarbij komt dat de stijl zeer minimaal is en je het gevoel krijgt dat, dat ook het geval is bij Café Sjiek. En daar gaat het mank wat mij betreft, want Café Sjiek is een gezellige, Limburgse stamkroeg, waar je heerlijk kunt eten. Bourgondisch eten. De Bourgondische keuken is echter niet minimalistisch, maar juist overdadig, rijk en vol van smaak en dat zie je niet terug.

Als creatieve uitspatting en als totaal beeld geef ik het ook een voldoende. Maar in relatie tot Café Sjiek wordt het een vijf. Tenzij ik een verkeerd beeld heb van het restaurant, maar dan hoor ik het graag.

Proud to work at PROUDdesign

Eerder dit jaar schreef ik dat het goed is jezelf soms in ongemakkelijke situaties te dwingen, anders stagneer je. Nu heb ik me niet direct in een heel ongemakkelijke situatie gedwongen, maar een grote verandering is het wel. Na 4 jaar bij Koeweiden Postma gewerkt te hebben ben ik bij PROUDdesign begonnen als Strategie & Account Director Brand design. Een hele mond vol. In de praktijk betekent dit dat ik strategisch verantwoordelijk ben voor alle brand identity design projecten. Gelukkig sta ik er niet alleen voor, want ik ben samen met Menno van Waardhuizen overgestapt. Menno was Creatief Directeur bij Koeweiden Postma en is nu creatief eind verantwoordelijk voor brand design projecten bij PROUDdesign. Gezamenlijk zetten we de discipline op binnen het bureau.

contact

Voor PROUD, een creatief packagingbureau, is brand identity design een nieuwe discipline.  Ze heeft deze discipline in huis gehaald omdat brand design de motor van het succes van merken is. Met de toevoeging van meer kennis op het vlak van brand identity design kan PROUDdesign haar strategische rol in design verder uitbouwen.

Het is niet toevallig dat wij voor PROUDdesign gekozen hebben. We willen beiden werk maken waar we trots op kunnen zijn. PROUDdesign is daar het juiste bureau voor. Het bureau is strategisch doordacht en creatief geprezen. Het bureau is goed in storytelling en maakt verpakkingen die de consument verleidt en gelukkig maakt. Dát gaan wij ook aan merken meegeven.

Voor meer informatie verwijs ik je naar het persbericht of stuur me een mail voor een persoonlijke uitleg.

Designpanel: Naturalis

Voor de Marketing Tribune beoordeel ik eens per maand een nieuwe visuele identiteit. Deze maand wordt de nieuwe visuele identiteit van Naturalis beoordeeld in het Designpanel.

Schermafbeelding 2012-09-27 om 17.12.59

Fietsend door de stad zie ik voor het eerst de abri met de roze N en het = teken er onder. Ik minder vaart, maar fiets door. Een gemakkelijke woordgrap den ik. Snappen doe ik het, maar ik wordt niet geraakt. Het gaat aan me voorbij. Het verleidt me niet. Een gemiste kans, want Naturalis heeft een schitterend verhaal te vertellen. Ze verdient een spannende merkstijl die het verhaal en de collectie op een inspirerende manier tot leven brengt. Die verrast en verleidt je te verdiepen in hun materie. De stijl is consistent doorgevoerd, maar dat is niet genoeg. Rapportcijfer 5,5

Het liefst wil je een mooi en positief verhaal schrijven, maar helaas. Het is geen parel geworden om trots op te zijn. Ik weet dat het bureau dat het gemaakt heeft anders/beter kan.

Open Kampioenschap Velomedia

Schermafbeelding 2012-08-10 om 21.21.46Elke woensdag avond om 19.00 uur vertrekt er vanaf t’Kalfje een groep fanatieke renners. De groep lijkt willekeurig, maar dat is schijn. De groep bestaat uit renners werkzaam binnen de marketing, reclame en media. Wat in 2010 begon als een leuk groepje om mee te fietsen is uitgegroeid tot een fanatiek gezelschap. Ondertussen hebben we meer gemeen heeft dan alleen de branch waarin we werken. We rijden in een gezamenlijk tenue, er wordt gestreden om de dagoverwinning, cq de eer en op 1 september 2012 wordt het Open Kampioenschap Velomedia georganiseerd. Een open kampioenschap voor renners werkzaam in marketing, reclame en media, om uit te maken wie de beste marketingrenner van 2012 is.

LOGO_VM_OK2012De wedstrijd wordt gehouden op de wielerbaan ’sloten’ in Amsterdam. De wedstrijd duurt 1 uur en 5 ronden. Halverwege zijn er tussen sprints, maar uiteindelijk telt natuurlijk alleen de laatste sprint. Wie die wint, wint het Open Kampioen Velomedia mag zich een jaar lang de beste marketingwielrenner van 2012 noemen. Uiteraard is er een titel voor de mannen en de vrouwen.

De wedstrijd wordt gehouden op 1 september 2012 en de start is om 17.00 uur. Inschrijven kost € 10,-. Inschrijven kan via info@alef.nl en vermeld in je mail je voornaam, achternaam, waar je werkzaam bent, wat je doet en of je een licentie hebt.

Na afloop van de wedstrijd zullen de winnaars gehuldigd worden en is er tijd voor een hapje en een drankje. Want we hebben behalve fietsen ook ons werk gemeen en het is leuk om naast het bespreken van het wedstrijd verloop ook te praten over ons vak.

Designpanel van Marketing Tribune

In de Marketing Tribune wordt elke editie een verpakkingsdesign of een visuele identiteit besproken. De Marketing Tribune heeft mij gevraagd om zitten te nemen in het ‘corporate designpanel’. Elke maand mag ik een nieuwe visuele identiteit beoordelen.
De eerste editie heb ik de nieuwe stijl van de Albert Heijn To-Go mogen beoordelen. Dat ik daar niet zo van onder de indruk was wisten jullie al, want daar heb ik op mijn eigen blog ook al eens over geschreven. Voor het designpanel heb ik een korte en bondig commentaar geschreven. De laatste designpanel staat in het juni nummer van de Marketing Tribune en gaat over Landmarkt. Een vrolijk alternatief voor de supermarkt met zoveel mogelijk (biologische)producten uit de eigenregio.

Review: Albert Heijn To-Go
Ik mis een verhaal. Wat probeert de vernieuwde formule te vertellen? Het logo lijkt een spreekballon, maar is het niet. Wat overblijft lijkt bijna willekeurig. Ik snap dat het los gepositioneerd moet worden, maar nu lijkt het wel een B-merk van Albert Heijn. Als ik de winkel in stap word ik blij van alle kleur. De visuele identiteit wil communiceren, maar vergeet te raken. De teksten zoals “lekker voor iedereen” en “oppeppertje nodig?” laten geen indruk achter. Ik loop naar buiten met de gedachte dat er meer nodig is om écht iets teweeg te brengen. Rapportcijfer: 6

Review: Landmarkt

Schermafbeelding 2012-07-30 om 16.37.47

Wat een opluchting. Natuurlijke producten uit de regio zonder dat je een geitenwollensokken gevoel krijgt. Heerlijk! De stijl is fris en helder en geeft een natuurlijk gevoel, alsof het door de mensen van Landmarkt zelf gemaakt is. De huisstijl is communicatief, dynamisch en kwalitatief doorgevoerd. Het toefje slagroom is de humor die met mate is toegepast. Het resultaat is dat je het gevoel hebt dat je authentieke producten koopt met een goede prijs-kwaliteitverhouding. Zeer eigen en geslaagd. Rapportcijfer: 9


Get out of your comfort zone

In het NRC van zaterdag 16 juni stond een mooi, maar helaas half artikel, over de oud gitarist van Nirvana en Soundgarden. Hij is na z’n muziek carrière het leger in gegaan en studeert nu filosofie. Wellicht vandaar deze mooie quote.

quote

Niet iedereen wil zich in ongemakkelijke situaties begeven wellicht, maar ‘get out of your comfort zone’ want anders komt je niet verder. Dit lijkt me een waarheid waar je niet om heen kunt. In ons vak sturen we hier vaak op aan bij klanten, maar doen we het zelf ook wel eens?

Starbucks gaat niet om koffieverkopen

Tijdens het Marketing & Design Congres stond de kracht van design voor merken centraal. Ik was daar als ‘expert’ aanwezig en hoorde Global Concept Designer Director van Starbucks, Liz Muller een inspirerende presentatie geven. In deze blog probeer ik haar verhaal te verwoorden. Hoe het allemaal begon: 4 jaar geleden trad ze aan vanuit de vraag de winkels van Starbucks te vernieuwen. Dat ging haar echter niet ver genoeg; “If we are going to do it, we do it all the way. We are going to break the rules”. In haar presentatie gaf Liz Muller haar visie op het gebruik van design en vooral de (retail) designstrategie van Starbucks. Belangrijke onderwerpen die ze adresseerde waren; Break the rules, Glo-cal storytelling en Design & Marketing.

Break the rules

Tot voor kort werd alle communicatie ontwikkeld vanuit Seattle, om vervolgens  over de wereld uitgerold te worden. De focus was allignment. Maar die tijd is over na de komst van Muller. Want zoals ze zelf zegt: “het is toch niet leuk om 1 keer iets te maken en dat vervolgens over de hele wereld uit te rollen”. Alles hoeft er tegenwoordig niet meer het zelfde uit te zien. “Daar zit niemand meer op te wachten.”

“ Mass uniformity is no longer unanimously approved. No one wants to be like everyone else in our age of globalization.”

We willen allemaal ontsnappen aan het gewone, tegen de stroom in zwemmen ongeacht onze achtergrond of levensstijl. Daarom breekt Starbucks ook met de bestaande regels. Dit begon met de ontwikkeling van het nieuwe logo. Voor de komst van Muller werd een (hele) grote delegatie uit het bedrijf betrokken bij keuzes m.b.t. het logo. Dat doen ze niet meer. Wel hebben ze onderzoek gedaan onder consumenten, maar de keuze is gemaakt door een klein gezelschap. Daarbij trap je misschien op tenen of vindt niet iedereen het goed. Maar een marktleider vraagt geen toestemming. Eventueel om begrip of vergeving. Ze heeft het ondernemerschap terug gebracht in het merk. Conformiteit hoort daar niet bij. Als ondernemer, en dus als Starbucks ga je tot het gaatje. “Nice is not good enough!”

Glo-cal storytelling

De wereld wordt ‘global’. De consument reist méér en verder dan vroeger. We reizen, voor het avontuur en om nieuwe dingen te ontdekken. Dan wil je overal andere winkels zien en echte, lokale verhalen horen. We moeten Glo-cal denken, vanuit een globaal perspectief lokaal handelen, want als je in Amsterdam bent, wil je horen over de relatie van Nederland met Koffie en Starbucks. En dat is een ander verhaal dan wat er verteld wordt in in Barcelona of Tokyo. De winkel in Amsterdam grijpt dan ook terug naar de koffiegeschiedenis van Nederland. Nederland is namelijk ooit begonnen met het halen en verwerken van koffie en dat verhaal komt terug in de nieuwe winkel in Amsterdam. Elke winkel van Starbucks wordt daarmee een inspirerend avontuur, én leert de bezoeker over de ziel van het merk.

“Bringing the soul of Starbucks to partners and customers by creating and sustaining inspirational and environmental experiences.”


Starbucks in Dazaifu, Japan.
Starbucks in Dazaifu, Japan.

Mensen willen lokale winkels zien en de lokale cultuur beleven. Starbucks werkt daarom niet met (internationale) bureaus, maar met jonge, dynamische talenten uit het land van herkomst. Zij zorg ervoor dat de winkel inspirerend is voor iedereen, van hoog tot laag opgeleid en van arm tot rijk. De winkel moet bij elke consument een connectie maken. De lokale verbondenheid komt niet alleen vanuit het lokale talent, maar ook vanuit de drive om rekening te houden met het milieu. Er wordt alleen materiaal gebruikt dat voor handen is in dat gebied. Deze trend wordt door de spreker erna, trendwatcher Truus Dokter bevestigd. Zij constateert dat je steeds vaker ziet dat bedrijven dicht bij de (re)source gaat zitten. Starbucks gebruikt daarom in Japan Bamboe i.p.v. Berkenhout. In Nederland wordt daarom juist geen Bamboe gebruikt. Starbucks maakt bovendien alleen  gebruik van hout dat al gekapt is. Deze insteek zorgt voor de gewenste diversiteit en zorgt dat je wegblijft van platgeslagen, oninteressant design.

Starbucks, 'the Bank' in Amsterdam.
Starbucks, ‘the Bank’ in Amsterdam.

Design & Marketing

Het gaat bij Starbucks niet om koffie. Het gaat om mensen. Het is een plek waar mensen elkaar ontmoeten. Waar je goed kunt zitten, waar je kunt werken en waar gratis Wifi is (schrijf ik vanuit de Starbucks vestiging ‘the bank’). Er wordt gewerkt en ondernomen vanuit Starbucks vestigingen, en niet alleen door ZZP-ers. De winkels zijn ontmoetingsplekken en het belangrijkste communicatiemiddel van Starbucks. Ze vertellen de verhalen. Het nieuwe concept werkt niet alleen vanuit communicatieve zin, maar ook commercieel. De nieuwe winkels behalen 15 – 70% meer omzet. En dit is wellicht het beste voorbeeld voor Lizz Muller om mee af te sluiten op het Marketing & Design Congres. Want design moet iets opleveren. Daarom zijn de marketeers naar het congres gekomen.

Geen onpersoonlijke uitnodigingen graag!


550883_441198649224610_110937965584015_1627922_523312819_n

Bovenstaande tekening laat mooi zien hoe gek het is dat mensen een standaard uitnodiging sturen via Linkedin. Ik erger me daar groen en geel aan. Het maakt me eigenlijk niet uit van wie ik het krijg. Maar elke keer denk ik, had je niet iets meer moeite kunnen steken in het begin van deze (online) relatie?

Soms heb ik mensen net gesproken. Hoe groot is de moeite dan om daar even naar te refereren, of te vertellen waarom je contact wilt houden. Maar ik erger me het meest aan oud bekenden die ik al jaren niet gesproken heb. Krijg je een mail met de vraag “You are a person I trust, I wanted to invite you to join my network on Linkedin”. Ik denk dan vaak, “we hebben elkaar jaren niet gesproken, hoe is het met je? Waarom nodig je me uit? Want de afgelopen jaren hebben we nooit contact gehad, niet via de telefoon, mail of ander sociaal medium.” Deze uitnodigingen laat ik vaak links liggen. Soms accepteer ik ze wel maar beantwoord de standaard uitnodiging altijd met een persoonlijk antwoord. En zelf dan komt het voor dat ik er niet een reactie op ontvangt… Wat is dan het doel van van de uitnodiging? Ben ik het of worden we allemaal alleen maar onverschilliger door Linkedin of elk ander willekeurig online netwerk?